bureaus

Het bureau van mijn vader.

Mijn vader zat vroeger altijd achter een groot granieten bureau, met ijzeren palen. Hij was hard aan het werk, met een lamp direct op zijn ouderwetse laptop gericht, zijn bril op en losse vellen papieren op het bureau. Ik zat altijd onder het bureau te spelen en hoorde hem af en toe gefrustreerd zuchten of klagen. Ik begreep nooit helemaal wat hij nou precies deed op zijn computer, maar het klonk vermoeiend. Toch voelde ik mij altijd veilig en spendeerde ik graag tijd bij mijn vader zijn voeten. Ik heb door de jaren heen zelf veel bureaus gehad, maar geen een gaf me hetzelfde gevoel als die van mijn vader.

Zo had ik allereerst een soort Barbie bureau, waar een plastic spiegel in gebouwd zat die ik had volgeplakt met stickers. Hij had twee laatjes en gekrulde pootjes, het was net een prinsessen bureau en compleet roze geverfd. Hij was van het soort zachte roze plastic waar je als peuter tegen aan kon knallen zonder een hersenschudding eraan over te houden. Veilig dus. Het bureau dat ik erna kreeg toen ik op de basischool zat, was zo’n bureau met een ronde schuif lade, net zoals een broodtrommel die het brood in de keuken vers houdt en beschermt tegen muizen. Ik hield de ronde schuif er altijd op om de enorme zooi te verbergen die eronder lag. Kleurpotloden, een cd-speler die ik niet aan de praat kreeg, tekeningen die ik weigerde weg te gooien maar die niet mooi genoeg waren om bewaard te worden op een goeie plek. De lades eronder had ik volgepropt met speelgoed, en wat kleding. Heel soms kreeg ik een opruim bui en dan moest alles leeg, maar aangezien ik niet echt rede had om aan een bureau te zitten, was het binnen de kortste keren weer vol met onzin.

Op de middelbare school kreeg ik mijn eerste ├ęchte bureau, een tafel. Een grote tafel met laatjes en geheime vakken, een speciale pennenhouder en wat lades eronder. Aan dit bureau maakte ik voor het eerst huiswerk, zette ik mijn allereerste laptop (een oldschool Macintosh) en kon ik urenlang Sims spelen en op MSN met mijn vrienden praten. Mijn MSN naam was lang, onzinnig en hilarisch weet ik nog. Iets met ” *–/|\–*” erin. En dan je naam. Vooral Sims was een verslaving; urenlang kon ik na school mijn eigen gezin ontwerpen, poppetjes aankleden, maar vooral de huizen ontwerpen. Met de codes die iedereen wist (MOTHERLODE) kon ik enorme villa’s bouwen, ontwerpen en inrichten.

En nu zit ik aan mijn vader’s bureau. Zwart, stevig en groot. Soms ga ik er stiekem even onder zitten en dan denk ik aan mijn vader. Voelt nog steeds veilig.

Geef een reactie